carolinasgroentetuin carolinasgroentetuin carolinasgroentetuin

Vijanden

GROENTEN.

Sommige groenten zijn niet echt goed bevriend met elkaar.
Ze kunnen elkaar in de groei belemmeren maarze kunnen samen ook juist meer ongewenste ongedierte aantrekken.
Het is daarom ook af te raden om:
Aardappelen met komkommer,
Aardappelen met tomaten,
Aardappelen met meloenen,
Aardbeien met koolplanten,
Uien met koolplanten,
Uien met bonen,
Sla met peterselie,
bij elkaar in de buurt te zaaien(poten).
Het is ook niet verstandig om sperziebonen op een leeg en schoongemaakt spinaziebed te leggen.

PLAGEN IN DE TUIN.

Emelten.
In het begin van het teelseizoen, vooral als het nog erg vochtig weer is, dan zijn emelten een ware plaag.
Emelten knagen aan het wortelstelsel met gevolg dat de groentegewassen dood gaan.
Emelten mogen hier niet meer chemisch bestreden worden.
Natuurlijke vijanden van de emelt zijn: mollen, muizen, vogels en aaltjes.
Met deze vijanden ben ik ook niet blij want mollen en muizen graven ondergrondse gangen waardoor het wortelgestel los komt te zitten, vogels eten de zaden op en de aaltjes doen een aanval op bladeren en het wortelgestel.
Dus met deze emeltenvijanden schiet ik niet echt op.
Blijft over: handmatig vangen.
Klinkt stoer maar ik vind ze toch vies.

Slakken.
Slakken doen zich te goed aan de bladeren van de gewassen.
Slakken mag men (nog wel) chemisch bestrijden.
Ook biologisch kan men slakken bestrijden door b.v. hier en daar een weggooi beker, op een klein randje na, in de grond te graven en daar wat bier in te gooien.
Ikzelf maak gebruik van opgespaarde, gedroogde eierschalen die ik tussen de plantjes strooi.
Dit werkt goed door de scherpe randen van de eierschalen.
Het meest gebruik ik toch slakkenkorrels die ik onder 30 cm. lang (halve) regenpijp leg.
De regenpijp dient om de korrels, wanneer het regent, droog te houden zodat ze langer goed blijven.
Wat later in het seizoen komt de volgende plagen o.a. aaltjes, luizen en spint.

Aaltjes.
Aaltjes kruipen in de wortels zelf.
Deze wortels sterven dus af.
Om deze aaltjes plaag voor te wezen gebruikt men gele afrikaantjes.
Daarom zaai ik aan de slootkant wat afrikaantjes die ik later hier en daar tussen de groente zet.
Wat de uitwerking van deze afrikaantjes op de aaltjes heeft weet ik niet maar als de aaltjes hierdoor verdwijnen, volgens tuinkenners, dan doe ik dat toch en anders geven ze toch een fleurige tint aan de tuin.

Luis.
Onze lieveheerbeestjes zijn geweldige biologische luisbestrijders.
Ik heb op mijn tuin een overwinterings lieveheerbeesthuisje hangen.
Hier doe ik in het najaar golfkarton in.
Het is uiteraart de bedoeling dat in de wintermaanden daar lieveheerbeestjes overwinteren in de hoop dat ze in het voorjaar/zomer in de buurt van mijn tuin blijven.
Of het lukt weet ik niet maar het hangt er wel leuk.
Als ik zomers het karton uit het huisje haalt zie ik wel altijd kleine poepjes maar of ze van lieveheerbeestjes zijn dat weet ik niet.
Oorwormen zijn ook erg dol op luizen.
Oorwormen gaan meestal s'nachts aan het werk.
Ook brandnetelgier helpt bijzonder goed tegen luis.
Brandnetelgier maakt men van jonge brandnetel- stengels en bladeren.
Dit laat met een paar dagen in een emmer water 'trekken', even alles zeven en dan regelmatig op het gewas verstuiven.
Er moet natuurlijk wel aan de boven- en onderkantvan het gewas gespoten worden.
Het concentraat van de gezeefde brandnetelgier gaat weer op de composthoop.
Zwarte bonenluis kan men grotendeels voorkomen door dille tussen de tuinbonen te zaaien.
Ook de tuinbonen op tijd toppen voorkomt zwarte bonenluis.
Dille is een kruiden die je in de keuken met koken kan gebruiken, dus dille zaaien tussen de tuinbonen is nooit verkeerd.

Spint.
Spint zit aan de onderkant van het blad.
Spint voorkom ik door chemisch te spuiten.
Ik weet helaas nog geen ander middel om spint te voorkomen.

Rupsen.
Gaasvliegen houden van bladluizen, rupsen en vlinders.
(Denk hierbij aan de witte vlieg).